Wat is degradatie en waarom doet het ertoe?

Een thuisbatterij is geen statisch object. Elke keer dat u hem laadt en ontlaadt, ondergaat de chemie in de cellen een kleine verandering. Na verloop van tijd kan de batterij minder energie opslaan dan bij aanschaf — dat proces heet degradatie.

Voor de vraag of een thuisbatterij financieel uitkomt, is degradatie relevant omdat de opbrengst elk jaar iets lager wordt. Een rekensom die dat negeert, geeft een te gunstig beeld van de terugverdientijd.

Hoe wij degradatie modelleren

In onze berekening rekenen wij met een capaciteitsverlies van 2 procent per jaar. Dat is een rekenaanname; de werkelijke afname verschilt per merk, per aantal cycli per dag en per gebruikspatroon. Op onze uitgangspuntenpagina leest u welke waarden wij verder hanteren.

Het verlies loopt samengesteld: elk jaar gaat er 2 procent af van wat er het jaar ervoor nog over was, niet van de oorspronkelijke capaciteit. De capaciteitsfactor geldt vanaf het begin van elk jaar, dus in jaar één rekent de motor met de volle capaciteit. Zo ziet dat eruit in onze cashflow:

  • In jaar vijf rekenen wij met 92 procent van de begincapaciteit.
  • In jaar tien met 83 procent.
  • In jaar vijftien met 75 procent.

Wie het verlies lineair uitrekent — vijftien keer 2 procent eraf — komt op 70 procent uit en laat de batterij er dus slechter uitzien dan onze motor doet. Het verschil is klein per jaar en merkbaar over de hele periode. De exacte reeks per jaar staat in de cashflow onder de uitkomst van de rekenaar.

Dat klinkt misschien bescheiden, maar het heeft een merkbaar effect op de jaarlijkse opbrengst. Wie in jaar één een bepaalde besparing haalt, haalt in jaar vijftien — bij gelijke energieprijzen — minder, omdat de batterij minder kan opslaan en leveren.

Wat een berekening zonder degradatie mist

De kortste manier om een terugverdientijd uit te rekenen is: neem de investering, deel die door de jaarbesparing, en u bent klaar. Zo simpel is het niet.

Ten eerste verandert de beschikbare capaciteit elk jaar door degradatie. Ten tweede is de capaciteit van de batterij niet de enige grens: wat u er dagelijks uit haalt, wordt begrensd door drie factoren, en de kleinste daarvan beslist. Hoe die grenzen en de degradatie op elkaar inwerken, leest u in de volgende paragraaf. Het model zelf staat uitgebreider beschreven op de pagina Het rendement van een thuisbatterij.

Dat degradatie buiten beeld blijft, is geen bedacht probleem. CE Delft rekende in een onafhankelijke studie voor netbeheerder Alliander de businesscase van een thuisbatterij door over een technische levensduur van vijftien jaar — dezelfde periode die wij hanteren — en benoemt capaciteitsverlies in die berekening niet. Dat maakt die studie niet onjuist; het laat zien dat een vijftienjarige businesscase gebouwd kan worden zonder dat de capaciteit ooit afneemt. Wie vijftien jaar lang met de opbrengst van jaar één rekent, overschat de totale opbrengst.

Onze rekenaar past de capaciteit elk jaar aan met het degradatiepercentage en berekent per jaar opnieuw hoeveel de batterij oplevert. De cashflow over vijftien jaar is daardoor realistischer dan een eenvoudige deling.

Hoe degradatie doorwerkt in de drie grenzen

Onze motor bepaalt wat een batterij per dag oplevert door de kleinste van drie grenzen te nemen:

  1. Het dagelijkse zonne-overschot. U kunt niet meer opslaan dan u overhoudt.
  2. De bruikbare capaciteit van de batterij. Niet de volledige nominale capaciteit is bruikbaar; wij rekenen met 90 procent daarvan.
  3. Het verbruik buiten de zonuren. U kunt alleen ontladen wat u op dat moment ook gebruikt — en alleen het deel dat u zonder batterij niet al rechtstreeks zelf verbruikte.

Welke van de drie knelt, verschilt per huishouden. Bij veel panelen en een klein verbruik is het verbruik de grens; bij weinig panelen en een groot verbruik is het overschot de grens. Alleen in het middengebied is de batterij zelf de bindende grens.

Dat verklaart iets wat anders vreemd lijkt aan onze uitkomsten: zit u vast op grens één of grens drie, dan levert een grotere batterij niets extra op, want de batterij was de beperking niet. Dezelfde logica geldt voor degradatie. Verliest de batterij capaciteit terwijl het overschot of het verbruik de grens was, dan raakt dat verlies de bodem van de rekensom niet.

Daarom hoort hier één kanttekening over onze methode. Wij passen de degradatie niet toe op grens twee, maar op de uitkomst: de motor berekent de dagelijkse benutting één keer met de bruikbare capaciteit van jaar één, en vermindert daarna de jaaropbrengst met de capaciteitsfactor van dat jaar. Dat is een vereenvoudiging, en wij weten in welke richting die afwijkt.

  • Was de capaciteit de bindende grens, dan komt onze methode op hetzelfde uit: capaciteit en opbrengst dalen dan in hetzelfde tempo.
  • Was het overschot of het verbruik de grens, dan rekenen wij de opbrengst in de latere jaren eerder te laag dan te hoog. Degradatie van capaciteit die toch al niet knelde, zou in werkelijkheid minder effect hebben.

Onze uitkomst is in dat tweede geval dus voorzichtig. Dat is een bewuste keuze: liever een terugverdientijd die in de praktijk iets korter blijkt dan een die te mooi was. Welke grens in úw situatie knelt, ziet u aan de tussenwaarden onder de uitkomst van de rekenaar.

Bruikbare capaciteit is niet hetzelfde als nominale capaciteit

Ook los van degradatie is de capaciteit die u effectief kunt gebruiken lager dan de nominale waarde op de verpakking. In onze berekening rekenen wij met een bruikbare diepte van 90 procent van de nominale capaciteit. Een batterij van 10 kWh heeft in onze berekening dus 9 kWh bruikbare capaciteit in jaar één. Door degradatie neemt dat elk jaar verder af.

Dat is een rekenaanname: de toegestane ontladingsdiepte verschilt per fabrikant, dus controleer de specificaties van het systeem dat u overweegt. Welke maat bij uw verbruik past, rekent de rekenaar voor u door; de afweging zelf staat op Welke capaciteit heeft een thuisbatterij nodig?.

Het round-trip rendement

Bij elke laad- en ontlaadcyclus gaat energie verloren door warmteontwikkeling en weerstand in de elektronica. In onze berekening rekenen wij met een round-trip rendement van 90 procent: van elke kilowattuur die u opslaat, is 90 procent beschikbaar wanneer u de batterij ontlaadt. Dit verlies is geen vierde grens op het opgeslagen volume, maar een verliesfactor die op de opbrengst wordt toegepast.

Garantie en levensduur in de praktijk

Hoe lang een capaciteitsgarantie loopt en welke restcapaciteit daarbij wordt gegarandeerd, staat in de garantievoorwaarden van het systeem dat u overweegt. Vraag dat document op voordat u koopt en lees welke voorwaarden eraan hangen — denk aan een maximum aantal cycli of eisen aan de installatie. Wij noemen hier geen algemeen getal: het verschilt per merk en model, en voor úw systeem zegt een gemiddelde niets.

Op de pagina Garantie op een thuisbatterij staat waar u in zo’n document op moet letten, en waarom een garantietermijn van de fabrikant iets anders is dan uw wettelijke rechten.

Na het verstrijken van de garantietermijn kan een batterij nog jaren bruikbaar zijn, maar de fabrikant staat er niet meer voor in.

In onze rekenaar hanteren wij een rekenperiode van vijftien jaar. Dat is een aanname, geen garantie dat een specifiek systeem het zo lang meegaat.

Voor wie is een thuisbatterij financieel minder geschikt?

Een thuisbatterij verdient zichzelf niet altijd terug. Dat is een conclusie die onze rekenaar soms geeft, en die wij niet wegpoetsen.

Situaties waarin de kans op een positief resultaat kleiner is:

  • Klein zonne-overschot. Wie weinig stroom teruglevert aan het net, heeft weinig om op te slaan. De batterij blijft dan grotendeels onbenut.
  • Al hoog zelfverbruik zonder batterij. Wie overdag thuis is en al veel zelfgebruik heeft, haalt minder extra voordeel uit opslag.
  • Kort verwacht verblijf in de woning. Een terugverdientijd die tegen de rekenperiode aan loopt, is lang als u de woning eerder wilt verkopen. Of en hoe een batterij de woningwaarde beïnvloedt, is onzeker.
  • Vast energiecontract. Bij een vast contract is prijsarbitrage niet mogelijk. Op de pagina Thuisbatterij met een vast energiecontract staat waarom dat de rekening verslechtert.

De rekenaar geeft voor uw specifieke situatie een uitkomst. Als die negatief is, zeggen wij dat ook.

Wat u zelf kunt doen

Voer uw gegevens in bij de rekenaar en bekijk de cashflow per jaar. U ziet dan niet alleen de totale opbrengst over vijftien jaar, maar ook hoe de jaarlijkse opbrengst afneemt naarmate de batterij degradeert. Dat geeft een eerlijker beeld dan een enkelvoudige terugverdientijdberekening.

Vraag daarnaast bij elk aanbod de garantievoorwaarden en de specificaties op. Daarin staat wat de leverancier voor dát systeem belooft — en dat is het enige getal dat voor uw situatie telt.

Bronnen

  • CE Delft, “Impact van ToU-nettarief op thuisbatterijen, elektrische auto’s en netcongestie”, oktober 2024, in opdracht van Alliander. Rekent de businesscase van een thuisbatterij door over een technische levensduur van vijftien jaar en benoemt capaciteitsverlies daarbij niet: netbeheernederland.nl

Onze eigen rekenaannames — degradatie per jaar, bruikbare diepte, round-trip rendement en rekenperiode — staan op onze uitgangspuntenpagina. Dat is onze methode, geen bron.

Deze pagina is voor het laatst gecontroleerd op 20 oktober 2026.